|
Snelle lopers op zwaar parkoers
De Artemisrun wordt door het bestuur van het loopcircuit altijd volop geprezen, uiteraard niet in de laatste
plaats omdat meer dan de helft van hen als loper bij de organiserende vereniging Artemis staat ingeschreven.
De Artemisrun mag zich overigens op voorhand heugen in een bijzondere reputatie omtrent het parkoers, het is
immers de enige wedstrijd uit het loopcircuit die geheel plaatsvindt binnen de bebouwde kom van een dorp.
Nadeel is echter dat je vier keer hetzelfde rondje loopt. Voordeel is echter dat je ieder jaar steeds meer
kijkers langs de kant ziet staan, dus in de opzet het dorp bij de loop te betrekken weet de organisatie van
de Artemisrun weer redelijk te slagen. Kijkers maken een wedstrijd heel wat aantrekkelijker. Wie aan deze
uitspraak twijfelt daag ik uit de 4 mijl of de Stadsloop van Appingedam eens te bezoeken, dat zijn evenementen
die weinig parkoers, maar wel veel bezoekers laten zien, met volop gejuich, aanmoedigingen en muziek. Lopen is
dan een extra feest vanwege de bijzondere sfeer.
Onder mooie lente-condities kon de 4e dorpsloop van start gaan. Voor een aantal lopers die hier voor het eerst
kwam was de afstand inschrijving – start/finish wel wennen. Als dit ruim 600 meter uit elkaar ligt ben je in elk
geval redelijk in- en uitgelopen.
Hoewel de organisatie richtingaanwijzers had geplaatst werd mij, me tussen deze locaties begevende, een aantal
keren gevraagd of men al in de goede richting liep.
De start/finish stond in volle uitrusting prima ingericht op het dorpsplein, toen ik er zelf een paar minuten
voor het startschot arriveerde bleek zowaar de toiletwagen prima te benaderen en tot genoegen was het er nog schoon.
Steeds vaker zie je deze voorziening opgenomen in het vergunningbeleid, begrijpelijk omdat lopers die hun laatste
balast willen lozen dit soms op niet al te gewenste plaatsen doen. (vooral tuineigenaren nabij start-finish klagen
er nog wel eens over).
Met ruim 460 lopers aan de start loste de Winsumer wethouder van Sport, Tineke van der Schoor het startschot.
Als laatste loopster liep ze vervolgens met haar beide kinderen mee. Dat dit keer de start-organisatie een echte
familie-aangelegenheid was, mocht blijken uit het feit dat vader Bert Scholten als voorzitter van Artemis de
lopers bij doorkomst aan de finishboog aanmoedigde en feliciteerde. Direct al vanaf het startschot namen de
snelsten van het circuit hun te verwachten positie in. Joris Kampen, Jan Venhuizen, Jan Nienhuis, Merwin Dollison,
Yvonne Georg alsmede Lisette van der Vegt liepen de eerste meters in de Regnerus Preadiniusstraat in de
voorste gelederen. Helaas liepen er ook wat minder snelleren vooraan waardoor het de eerste paar honderd meters
knap druk kon zijn, echter na de eerste bocht in de Geert Reindersstraat was dit probleem al weer grotendeels
opgelost.
Opvallend was het grote aantal jonge lopers met het logo van atletiekvereniging Jupiter op de rug, ook de
plaatselijke jeugd was dus volop vertegenwoordigd. Met veel inzet en enthousiasme liepen een aantal van deze
in blauw geklede wegatleten behoorlijk hard, dit zelfs ondanks de vermanende opmerkingen van hun trainster.
Zelf ging ik als een van de laatsten over de startstreep want ik was eerlijk gezegd niet van plan flink aan
te zetten, lopen doe je voor je zelf en hoe meer je dat beseft hoe meer je er van geniet.
Na een warme juni dag was de temperatuur echter zo ver gedaald dat lopen een aangename bezigheid was, reden
om toch een beetje meer inzet te tonen, je loopt immers in je eigen dorp.
Lopen doe je, zoals eerder gesteld voor je zelf, maar enige competitie mag er wezen. Al kun je niet met de
snellere mee, en zit een tijd van onder de 35 minuten er niet meer in, toch kan het spannend zijn, vooral
als je tegen gelijken loopt. De ene keer trek jij, de andere keer de ander aan het langste eind.
Dit keer kwam ik na 2 ½ ronde een van mijn loopconcurrenten tegen. Vooral een aanmoediging van haar echtgenote
langs de kant zette mij nog iets meer aan het rennen. Telkens bleven we vlak bij elkaar en probeerde zij mij
in te halen. Ik besloot haar op en gegeven moment in te halen en dan wat gas terug te nemen, hopende zo het
tempo iets slager te krijgen. Het werd een kat en muis spel, telkens als ik dacht haar van mij afgeschut te
hebben verscheen haar gele shirt weer naast mij. Toen ik eindelijk dacht de klus te hebben geklaard kwam op
ruim 500 meter voor de finish haar laatste poging. Zo vlak voor het eind alsnog ingehaald worden leek mijn
niets, en hoewel ik met volle inzet had gelopen en daardoor al zoveel sneller was gegaan dan voorgenomen,
besloot ik met een laatste ademstoot een 500 meter lange sprint te maken. Het genoegen was geheel aan mijn
kant, in de Havenstraat kon ik op voldoende voorspong komen om eerder te finishen. Toptijd? Nee!, genoten ja!
Puffend en snikkend aan het hek kon ik enige tijd geen woord uitbrengen, ik wilde haar nog bedanken voor
deze sportieve strijd.
Hoe het de topperlopers verging kreeg ik onderweg mee. Nog maar net op weg in mijn derde ronde haalde aan
het einde van de Westerstraat eerst een grommende motorrijder en daarna Joris van Kampen mij in op de voet
gevolgd door de uit Nieuwegein komende Artemisser Merwin Dollison en de Overschilder Jan Venhuizen.
Harm
Noord, onze speaker, was bij de finish vol op dreef. De muren van het tegenoverliggende te slopen pand
vertoonden na afloop nog meer scheuren. Ook de after-run-party was opwindend. Het dorpsplein gaf daar
alle ruimte toe. De meeste lopers waren het daar ter plaatse over eens dat dit parkoers loodzwaar is.
Het bochtenwerk, met soms zeer scherpe afbuigingen, de brug over het Winsumerdiep en de klim naar de top
van de wierde waarop het dorpje Winsum is gebouwd zorgen voor hinderlijk vals plat. Bovendien is het voor
de snelleren lastig dat ze de laatste ronde volop de minder snellen gaan inhalen, waardoor veel gezigzagd
moet worden. Geen toptijden dus in deze dorpsloop met de voor het Groninger landschap zo kenmerkende
verhogingen en bijbehorend klimpartijen. Bij de prijsuitreiking voor café de Bron bleek dat Joris van
Kampen 1e was geworden met een tijd van 33,01 minuten, de laatste loper deed er bijna twee keer zo lang
over. (1 uur en 5 minuten).
|